6000 kleuters geprikt

AMSTERDAM – Het grootste onderzoek dat ooit naar kleuters in Amsterdam is gedaan, nadert een nieuw hoogtepunt: deze zomer worden zesduizend vijfjarigen medisch gekeurd.Onderzoekers van de GGD en de ziekenhuizen VU MC en het AMC volgen de kinderen al vanaf 2003, toen ze nog in de buik zaten.

Doel van deze ABCD studie (Amsterdam Born Children and their Development) is om een verband te leggen tussen leefgewoonten en -omstandigheden van vrouwen tijdens de zwangerschap en de gezondheid van het kind bij de geboorte en op latere leeftijd. Het accent hierbij ligt op de verschillen tussen etnische groepen.

In 2003 kregen achtduizend zwangere vrouwen het verzoek om mee te werken aan de ABCD-studie. Zesduizend deden dat. De onderzoekers hebben zich tot dusver gebaseerd op interviews met de deelneemsters, bloedonderzoek van de zwangere vrouwen, de resultaten van de hielprik en de gegevens van de consultatiebureaus. Binnenkort gaat het onderzoek fase 2 in: in juni krijgen de zesduizend moeders opnieuw een vragenlijst met daarbij het verzoek of hun kind mag worden onderzocht.

Dat zal vooral op de basisscholen gebeuren, zegt Reinoud Gemke, hoogleraar algemene kindergeneeskunde van het VU MC. ”We kijken naar gewicht, bloeddruk, lengte, het ontwikkelingsniveau, maar ook de hartslag en de veranderingen daarin. Dat zegt iets over de mate van stress. Verder letten we op de lichaamssamenstelling – de verhouding tussen spieren en vet.”

En er wordt bloed geprikt. Op kindvriendelijke wijze, dus niet alleen met het spelletje ezeltje prik, met priklimonade, maar ook met een verdovingsspray, zodat de kleuters de naald in de vinger niet of nauwelijks voelen.

Met de onderzoeksresultaten hoopt Gemke meer inzichten te krijgen in de etnische verschillen. Relatief veel kinderen in Turkse en Marokkaanse gezinnen in Amsterdam zijn te zwaar, wat op latere leeftijd, als het overgewicht doorzet, kan leiden tot hart- en vaatziekten. Ook hiervan hoopt het onderzoeksteam meerdere vroege risicofactoren te kunnen vinden.

Zo zijn er meer verschillen. De embryo- en zuigelingensterfte is veel hoger voor de Turkse en Marokkaanse bevolkingsgroepen. Vroeggeboorte en laag geboortegewicht komen vaker voor bij de Surinamers. Als je daar preventief iets tegen wilt doen, zegt Gemke, dan moet je eerst weten wat de oorzaken zijn.

Gemke hoopt met de andere onderzoekers van de GGD en AMC de kinderen tot in lengte van dagen te kunnen volgen, maar dat is afhankelijk van de sponsorfondsen.

© Het Parool